Paleis Het Loo | Lintjes aan de vorst

Lintjes aan de vorst

In Ridders van Oranje, lintjes aan de vorst staan de stadhouders en de koningen uit het Huis Oranje-Nassau centraal. Zij zijn de ‘Ridders van Oranje’ die door buitenlandse vorsten in hun ridderorden worden opgenomen. We noemen ze ‘Ridders van Oranje’, omdat het ridders zijn die behoren tot het Huis Oranje-Nassau.

GM-1950.0211#FOTJohn Stoel 1950Vanaf het einde van de 15e eeuw worden de Oranje-stadhouders opgenomen in de zogenaamde hof- of adelsorden. Dat zijn zeer prestigieuze ridderorden die door vorsten worden gesticht om de hoogste adel in het rijk aan zich te binden. Bekende voorbeelden van zulke ridderorden zijn de Orde van het Gulden Vlies en de Orde van de Kousenband.

Aan het einde van de 17e eeuw is de rol van de adel minder belangrijk geworden. Machtige vorsten als de Franse koning Lodewijk XIV proberen door oorlog te voeren hun heerschappij uit te breiden. Voor hun veroveringen steunen zij op enorme legers. Er ontstaat een heel nieuw soort ridderorde: de orde voor militaire verdiensten.

Deze nieuwe ridderorden zijn bedoeld als middel voor de vorst om het leger aan zich te binden. De eerste orde voor militaire verdiensten is de Orde van de Heilige Lodewijk uit 1693. In de Napoleontische oorlogen verdienen Willem, erfprins van Oranje –de latere koning Willem II- en zijn oom Frederik op het slagveld verschillende van deze dapperheidsorden.

Met de Franse revolutie en de opkomst van Napoleon treedt een nieuwe fase in. In de Franse Republiek bestaat geen verschil meer tussen boer en edelman. Alle burgers zijn gelijk, onder het motto liberté, egalité, fraternité (vrijheid, gelijkheid en broederschap). De nieuwe ridderorde die Napoleon in 1802 sticht, staat open voor militairen én burgers. Het is de eerste moderne orde van verdiensten, die van grote invloed is geweest op vrijwel alle nadien gestichte orden van verdiensten in Europa en daarbuiten.

Hof- en adelsorden

Weelde en uiterlijk vertoon

Vanaf het einde van de middeleeuwen ontstaan in verschillende Europese landen ridderlijke orden. Dit zijn gemeenschappen van ridders georganiseerd volgens regels en reglementen die in statuten zijn vastgelegd. Door een eed van trouw zijn de ridders verbonden aan de vorst, die soeverein of grootmeester van de orde is. Op deze manier wordt een orde een middel van de vorst om de meest aanzienlijken in zijn rijk rond zich te verzamelen, door een persoonlijke band aan zich te binden en hun steun te verwerven.

Vanloo2lLidmaatschap van een vorstelijk ridderorde is niet een beloning voor dapperheid of persoonlijke verdiensten, maar is gebaseerd op afkomst. Alleen de allerhoogste edelen kunnen toetreden. De vorstelijke ridderorden kennen geen indeling in klassen en zijn erg exclusief: het aantal ridders dat deel uitmaakt van een ridderlijke orde is zeer gelimiteerd.

De meeste vorstelijke ridderorden hebben een sterk religieuze inslag. Meestal hebben ze een patroon of schutsheilige en vinden de plechtige samenkomsten van de ridders plaats op de feestdag van de patroonheilige. Meestal wordt tijdens de bijeenkomsten van de Orde ook de mis opgedragen. Verschillende ridderlijke orden beschikken over een eigen, aan de patroonheilige gewijde kapel, waar de bijeenkomsten plaats vinden.

Kenmerkend voor deze ridderlijke orden is de enorme weelde en het uiterlijk vertoon waarmee de ridderlijke orde is omgeven. Aan de ordetekenen, die geregeld met diamanten en andere kostbare edelstenen worden verfraaid, werken de belangrijkste juweliers en edelsmeden. Voor de kleurrijke ordegewaden worden de kostbaarste stoffen en de fraaiste borduursels gebruikt. Statutenboeken versierd met fraaie miniatuurschilderingen en de ingekleurde wapens van de orderidders, polychrome wapenborden, wandtapijten en tal van andere kunstvoorwerpen Weltliche_Schatzkammer_Wien_(232) (1)benadrukken de belangrijke rol, die de ridderlijke orden van de 14e tot en met de 18e eeuw spelen. Maar het uiterlijk vertoon heeft een belangrijke, niet te onderschatten machtspolitieke dimensie: pracht en praal vormen het gewaad waarin de macht zich kleedt.

De bekendste ridderlijke orden zijn de Meeste Edele Orde van de Kousenband uit 1349 en de Orde van het Gulden Vlies uit 1430.

 

De tentoonstelling

Dit en nog veel meer is te zien in de Audiëntiezaal in het paleis.

  • Willem IV, ridder in de Orde van de Kousenband
    Instelling van de Orde van de Heilige Geest
    Mantel
Willem IV, ridder in de Orde van de Kousenband
Herman van der Mijn, 1737, Groninger Museum, Foto John Stoel
foto vergroten
Instelling van de Orde van de Heilige Geest
door Hendrik III, Jean Baptiste van Loo, Musée de la Légion d’Honneur et des Ordres de Chevalerie, Parijs
foto vergroten
Mantel
van de grootmeester van de Orde van het Gulden Vlies, Kaiserliche Schatzkammer, Wenen
foto vergroten